Het stuk gaat over Mariken die naar Nijmegen moest. Ze zou daar bij haar tante verblijven maar die heeft een hekel aan haar en stuurt haar weg. Hierdoor komt ze Moenen (de duivel) tegen. Ze leeft 7 jaar met hem, als ze weer terug naar Nijmegen gaan. Daar beseft ze dat de duivel helemaal niet goed is, en gaat bij hem weg. Ze zoekt vergiffenis bij een paus in Rome. Ze krijgt kettingen om en als God haar heeft vergeven, vallen de kettingen af.
Log in om verder te gaan
Log in om deze actie uit te voeren.